Interview

Interview No Turning Back

4 augustus 2007
No Turning Back staat al tijden bekend als één van de hardst werkende hardcorebands van Europa. Nadat in 2006 het laatste album ‘Holding On’ verscheen, heeft de Brabantse band dan ook bijna non-stop getourd, onder andere in verre oorden als Japan, de Verenigde Staten en Zuid-Amerika. Op 8 juli speelde de band weer eens een show in Nederland, met niemand minder dan oude tourgenoten Terror. Reden genoeg om na de show even te praten met zanger Martijn dus. Wat vond je van de show net? Voor een zondagshow in Nederland was het behoorlijk goed! Het was een prima opkomst, wat ik eigenlijk niet verwacht had, doordat de show op het laatste moment verplaatst was enzo. Bij een zondagshow in Nederland is het ook altijd maar de vraag of de mensen wakkeer zijn en de kater uitgeslapen hebben, maar vandaag dus een goede show! No Turning Back bestaat dit jaar 10 jaar. Ik begrepen dat jullie begin 2006 op het punt stonden om uit elkaar te gaan... Ja, voor de buitenwereld leek het er inderdaad op dat we echt zouden stoppen, maar intern was het eigenlijk al zo ver rond dat ik sowieso door zou gaan en Johan, onze gitarist, ook. We waren ook al bezig met de nieuwe plaat en we hadden daar de helft van de nummers al van af. Voor onszelf hadden we eigenlijk al besloten dat we door zouden gaan. Ik heb het geluk gehad dat ik die nieuwe jongens erbij heb kunnen krijgen, die allemaal hetzelfde doel hebben als ik. Dat heeft uiteindelijk dus heel goed uitgepakt. Jullie gaan allemaal volledig voor No Turning Back. Zeker! We zijn allemaal gestopt met werk, we hebben zelfs onze huizen opgezegd. Sommigen zijn ook gestopt met school. Eén van ons was zelfs met het laatste jaar van zijn opleiding bezig, maar is er toch mee gestopt om er net zo lang mee te wachten tot het touren afgelopen is. Die band is gewoon full-time. Voor een Europese band is het heel erg moeilijk om dit vol te houden. We zijn vanaf september non-stop op tour geweest; soms een weekje thuis, maar daarna snel weer door. Nu hebben we de eerste periode van bijna twee maanden achter de rug dat we echt thuis zijn geweest en gedwongen moesten gaan werken, omdat het geld gewoon echt op was. We houden er totaal niks aan over, maar de ervaring van het touren, het op pad gaan – de gedachte van: “wij willen dit” – en de kans om überhaupt naar buiten te gaan en alle continenten af te reizen... als je die kans hebt, waarom zou je het dan niet doen?! Jullie zijn nu in Amerika geweest en gaan binnenkort weer... We zijn alles bij elkaar twee keer in Amerika geweest. Volgende week gaan we voor de derde keer. Verder zijn we in Zuid-Amerika geweest, in Brazilië, en in Azië in Japan. We hebben nu in de planning staan om in ieder geval begin volgend jaar weer terug naar Zuid-Amerika te gaan en dan meer landen mee te pakken. Aan het eind van het jaar gaan we naar Australië en Nieuw-Zeeland, om daarna weer terug naar Japan te gaan. We zijn ook nog steeds in gesprek met Zuid-Afrika, dat begint nu eindelijk echt concreet te worden. Hoe was het om in landen als Brazilië en Japan te spelen? Ik neem aan dat geen hond jullie daar kent. Dat dachten wij ook, maar dat bleek dus toch anders te zijn. Per show en per gebied is het verschillend. Bijvoorbeeld in Japan zijn de grootste shows in Tokyo. Daar zit de hardcorescene, en die kids kennen echt álles. Die kennen zelfs de meest beginnende bands op lokale labels van hier. Ze kennen het állemaal, dankzij downloads, dankzij myspace, dankzij ebay... In brazilië ook: mensen stonden gewoon vooraan onze nummers mee te zingen. Soms zijn het er twee, soms zijn het er tien, soms zijn het er vijftig. Je staat daar dan echt met een glimlach en zó’n goed gevoel op dat podium. Vooral ook na zo’n show, dat je elkaar aankijkt en denkt: “Hoe kan dit in godsnaam!” Ik kom gewoon uit Brabant en ben gewoon een boer, en opeens sta je daar in Rio de Janeiro te spelen en staan mensen daar mijn teksten mee te zingen. In Amerika ook trouwens. Wij zijn daar maar een van de ontelbare hardcorebands, maar toch zijn er mensen die ons al weken van tevoren mailen met de vraag of we bepaalde nummers willen spelen en die vertellen dat ze zeker naar onze show gaan komen. Dat zorgt echt voor kippenvel. Hoe pakken jullie het organiseren van al die tours aan? Voor veel bands is het immers behoorlijk moeilijk om veel in het buitenland te spelen. Regelen jullie al die shows zelf? De meeste shows die we doen, regelen we zelf in samenwerking met de labels of de boekingsbureaus ter plaatse. Meestal helpen de labels ons; die hebben onze cd uitgebracht en willen graag dat wij komen. Wij zeggen dan natuurlijk: “Prima, wij komen maar al te graag!” Dan wordt alles een beetje afgestemd op elkaars schema’s. Jullie hebben nu een stuk of vijf labels geloof ik? Voor ‘Holding On’ hebben we inderdaad vijf labels. Daarbuiten hebben we nu weer een nieuwe split uitgebracht en daardoor weer twee nieuwe labels erbij gekregen, dus alles bij elkaar hebben we nu een stuk of zeven labels wereldwijd, die onze muziek uit hebben gebracht en nog steeds actief onze spullen uitbrengen. Ik denk dat er maar weinig bands uit Europa en misschein zelfs uit Amerika zijn die dat hebben: vijf labels die op bijna elk continent je cd uitbrengen. Ieder label doet op zijn eigen continent apart de promotie en probeert de band daar groot te maken. Denk je dat dat beter werkt dan wanneer jullie op één groot label zouden zitten? Ja absoluut, want de labels waar we nu mee werken zijn allemaal kleine of semi-grote labels. Zij hebben nog steeds de kracht en de energie om een kleine band als wij, en een buitenbeentje uit de scene ter plaatse, te pushen. Als wij bijvoorbeeld op Roadrunner Records hadden gezeten, dan geeft niemand er om. In Amerika kan het ze echt niks schelen als er een Europese band van Roadrunner komt spelen, en voor dat label ben je ook geen prioriteit. Hier in Europa hebben we nu het beste label dat er is: Reflections Records. Er is absoluut geen beter label dan Reflections, dat durf ik gerust hardop te zeggen. De samenwerking tussen Johan en Suzan [Reflections] en ons is zowel privé als zakelijk zo goed als perfect. Alles wordt gewoon gezegd en uitgesproken zoals het is. Zij geven heel hun hart, heel hun ziel aan hardcore, en dat kan je ook merken – ze zijn overal aanwezig. En wij proberen op precies dezelfde manier zo met hardcore bezig te zijn. We zitten samen in één boot en proberen samen de overkant te halen. We zitten nu sinds de split met The Deal bij Reflections, en die is uitgekomen in 2002. Voorheen hebben we eigenlijk altijd met twee labels gewerkt – met GSR en met Reflections. Op een gegeven moment was het GSR-verhaal afgelopen en toen zijn we eigenlijk automatisch met Reflections doorgegaan. Dat was simpel: al de een het niet wil, dan graag de ander. Jullie laatste album is behoorlijk goed ontvangen. Hoe hebben jullie dat zelf ervaren? Ja, de critici zijn eigenlijk alleen maar lovend geweest. Hier en daar is er altijd wel iemand die zegt dat het voor hem of haar iets te simpel is, of dat het allemaal al een keer gedaan is, maar wij zijn nooit een band geweest die iets nieuws wilde maken. Wij willen gewoon maken wat we tof vinden. Die agressie, die energie en die positieve boodschap wil je overbrengen naar het publiek. Zoals het album in Amerika is ontvangen, kon ik bijna niet geloven! Ik heb reviews gelezen waarin ze zeiden: dit album komt niet uit Europa, dit komt gewoon uit Amerika. Ook tekstueel zeiden ze: er is geen een Europese band zo goed als deze band, want het zijn gewoon ‘Amerikaans’ geschreven teksten. Als je die dingen hoort en leest, dan is dat echt ongelofelijk. We merken het ook gewoon op de shows. De nieuwe nummers worden door de kids heel snel opgepakt. Waar haal je de inspiratie voor jouw teksten vandaan? Alles wat ik meemaak, alles wat ik zie in de hardcorescene, maar ook dingen in de wereld. Het zijn mijn persoonlijke belevenissen; dingen waar ik echt boos van wordt. Dat waar ik over schrijf, probeer ik wel zo te schrijven dat mensen zich er makkelijk mee kunnen identificeren. Het artwork van jullie laatste album, dat gemaakt is door tattoo-artiest Bas Kahle, is ook behoorlijk opvallend. Kenden jullie hem al voordat hij de hoes voor jullie ontworpen heeft? Ik kende zijn werk. Een meisje dat bij Reflections heeft gewerkt, heeft haar scheenbeen laten tattooeren door hem. Eerst zou een andere artiest, die ook de cover van de 7” heeft gemaakt, het artwork voor het album maken, maar die had geen tijd. Als tweede optie had ik Bas al in m’n hoofd. Ik heb het hem dus gevraagd en hij was meteen enthousiast. En inderdaad, het resultaat is echt verbluffend. Vooral ook de manier van kleurgebruik – het valt meteen op. Ik ken geen één hoes die meteen zo opvalt als deze. Zijn werk is echt supermooi en ik ben blij dat hij dit werk voor ons doet. Qua merch gaat hij ook meer dingen voor ons maken. Toevallig heeft hij net voor de Amerikaanse tour drie nieuwe designs gemaakt. Het is ook een stijl die bij ons past, die tattoostijl, die deels Japans en deels Amerikaans is met af en toe een Nederlandse knipoog ertussen. Kijk bijvoorbeeld naar die uil op de hoes, die heeft een eikel bovenop z’n kop. Dat soort dingen zijn echt iets van Bas. Als een soort aureool maakt hij dat er dan boven. Ik heb geen idee wat het betekent, maar het is wel vet. Wat hebben jullie precies gedaan in die twee maanden dat jullie thuis hebben gezeten? In die twee maanden hebben we niet echt alleen maar thuis gezeten. We hebben her en der wel wat shows gedaan. Heel weinig in Nederland alleen. We zijn vorig weekend bijvoorbeeld in Spanje geweest. Op donderdag hadden we een show in Antwerpen, daarna hebben we meteen het vliegtuig gepakt naar Spanje. Vervolgens dus een show daar, en de dag erop zijn we meteen weer terug gevlogen en hebben we nog een show in Limburg gedaan. Zo blijf je wel bezig, maar daarbuiten is iedereen aan het werk, en dat zijn gewoon klotebaantjes. Van bollen pikken tot dingen aan elkaar solderen, sjouwwerk, gewoon écht klotebaantjes. Zo kunnen we onze schulden toch een beetje afbetalen. Wij zijn een band die eigenlijk niks verdient, en alles wat we verdienen gaat meteen weer terug in die band, dus stiekem bouw je zo toch een schuld op. Die is nu weer een beetje weggewerkt. Gelukkig leveren we er nu niks meer op in. Op zo’n show in spanje maken we bijvoorbeeld geen verlies. We hebben er acht jaar op ingeleverd, dit zijn eigenlijk de eerste twee jaar dat we geen verlies meer maken, maar je houdt er ook geen flikker aan over. We leven in principe van de merchandise – daar komen al onze inkomsten vandaan. Gage voor shows gaat allemaal naar onkosten voor de bus, tol, de repetitieruimte, allemaal van dat soort dingen. Alleen als we een t-shirt verkopen, houden we er wat geld aan over. Misschien dat we daar ongeveer 5 euro aan overhouden, en dan mogen we heel hard juigen. Die 5 euro moet vervolgens uiteraard verdeeld worden, en we zijn met zes man, dus ja, wat hou je dan over? Niet veel. Maar voor ons gaat het daar helemaal niet om. Zolang we maar op tour zijn, dat is gewoon wat we willen. Hoeveel bands hier in Nederland dromen wel niet van wat wij nu doen? Ik weet nog hoe het was toen ik 14 of 15 was en in de hardcorescene kwam. Mijn helden waren Madball, Agnostic Front, Sick Of It All, en in Nederland bands als backfire! Toen dacht ik: “Dat wil ik ook!” En nu dóe ik het ook zelf. Nu zijn wij misschien wel de nieuwe Backfire! Als de jonge generatie nu naar No Turning Back kijkt, denken ze misschien wel hetzelfde als wat ik toen dacht... Jullie hebben zelf ook al met een hoop grote bands gespeeld. Vanavond natuurlijk met Terror, maar ook bijvoorbeeld op Powerfest twee jaar geleden... Ik ben zo blij dat ik inmiddels met bijna elke band heb gespeeld die ik zelf echt supergoed vind. Van de Cro-Mags – hoewel niet in de originele bezetting, maar toch – tot aan Madball, Agnostic Front, Sick Of It All, Terror... De enige band waar ik niet mee heb gespeeld en waar ik wel heel graag met had willen spelen, is Biohazard. Maar goed, nu komt er wel weer een andere band. Ik heb bijvoorbeeld gezien dat we een show met Underdog gaan spelen. Nou, ik heb van blijdschap alweer een rondje door het huis gemaakt! Voor mij blijft dat toch ook iets speciaals. Ik ben nu 28, maar ik blijf van binnen toch ook dat mannetje van 14 dat die muziek nodig heeft. Voor mij is er niets beters dan hardcore. Die instelling... je kan het bijvoorbeeld ook zien aan Scott Vogel [zanger van Terror]. Als je met die man op pad bent, een maand lang, dan is het echt ongelofelijk om te zien hoe hardcore hij leeft. Hij heeft niks anders, dit is echt zijn leven. Alles wat hij op het podium zegt is echt. Sommige mensen zullen wel denken: “Ja leuk, dat zegt hij elke avond.” Ja dat klopt, hij zegt het ook elke avond, want het is zijn leven! Als hij thuiskomt, dan heeft hij hetzelfde als wij. Aan moet hij ook gewoon gaan werken. Terror kan er ook niet van leven. Terwijl zij een Amerikaanse band zijn en meer verkopen. Jullie hebben trouwens ook op Groezrock gespeeld dit jaar. Wat vond je daar van? Dat was voor No Turning Back sowieso de grootste show die we ooit hebben gedaan. Ik ben heel slecht in schatten, maar ik denk dat er tussen de negen- en tienduizend man voor dat podium stonden. Dat is echt bizar! Mijn ervaring in kleine zaaltjes is het beste. Het liefst sta ik in een piepklein zaaltje waar 50 man in worden gepropt en waarbij die 50 man allemaal ook helemaal los gaan. Dan heb je die interactie met het publiek. Maar een show als Groezrock, zó immens groot, dat is echt niet meer normaal. We stapten totaal niet nerveus op dat podium, wel een beetje gespannen, maar gewoon alsof het de normaalste zaak van de wereld was. Maar toen we ervan af stapten keken we elkaar aan en dachten we allemaal maar één ding: “Wów!” Ik heb de show van Terror ook gezien, en zelfs zij hadden datzelfde gevoel. Hoe blij mogen wij wel niet zijn, dat we voor zó’n groot publiek mogen spelen! We hadden een enorme circle pit voor de palen. Dat is echt ongelofelijk! En in Amerika, hoe zijn de reacties daar bij jullie shows? Je kan het zien alsof er een Japanse band naar Nederland komt om op te treden; niemand geeft er iets om, totdat die band écht goed is. De verhalen gaan dan rond dat er binnenkort een goede band uit Japan komt. Mensen beginnen erover te praten. “Hé, No Turning Back komt hierheen.” “Ja, nou en.” “Ja maar ze zijn echt goed! De jongens van Outbreak, Agnostic Front en Madball lopen er met shirts van. Die band moet je echt checken.” Nou, dan gaan de mensen die band checken, en ze gaan praten op messageboards. Zo hebben wij het ook meegemaakt en er wordt nu fantastisch op ons gereageerd. Heb je enig idee hoeveel albums jullie nu verkocht hebben? Ik heb echt geen flauw idee. Doordat we met zoveel labels in contact zijn, hebben we daar totaal geen zicht op. De ene werkt op de ene manier, de andere werkt op de andere manier, en dat contact moet je tijdens de tour zien te onderhouden. Van het ene label krijg je de verkoopcijfers per half jaar, van het andere één keer per jaar, en het volgende label geeft ze weer maandelijks. Ik heb dus echt geen idee, maar het maakt eigenlijk ook niet uit. De cd loopt nog steeds, terwijl hij in september vorig jaar is uitgekomen. De verkoop blijft door lopen én ik zie steeds meer nieuwe gezichten op shows, dus ik denk dat dat een goed teken is. Ik denk dat vandaag ongeveer 80% van de mensen nieuw was voor me. Dat is dus echt tof! Zijn jullie al bezig aan een nieuwe plaat? Toevallig hebben we het daar de laatste paar weken wel weer over gehad. We hadden eigenlijk nooit gedacht dat No Turning Back nog zo lang zou doorgaan. We hadden tenslotte toch een nieuwe line-up en het was maar afwachten hoe er op ‘Holding On’ gereageerd zou worden. Maar het is allemaal zó goed ontvangen en we hebben er zó’n goed gevoel over, dat we nu allemaal zoiets hebben van: “‘Holding On’ was goed, het is onze beste plaat tot nu toe, maar de nieuwe wordt nog veel beter.” er zijn al wat gesprekken met de labels gevoerd. In november hebben we vrij, dan zitten we waarschijnlijk in de repetietieruimte, en hopelijk komt er dan begin volgend jaar een nieuwe plaat. Zeker weten! Ok, bedankt voor het interview! Nog iets toe te voegen? We bestaan nu 10 jaar. Ik ben ontzettend blij dat er nog steeds mensen zij die bij onze shows vooraan komen staan! Op naar de volgende 10 jaar? Nou, dan ben ik 38... Gigantisch respect voor Sick Of It All, dat zij het nog doen, maar ik denk niet dat ik het tot mn 38ste ga trekken! Maar ik vind het te gek om dit te doen, en hoop dat we dat als band ook uistralen. We hebben er hard voor gewerkt. Zo lang het leuk blijft en we het kunnen doen, gaan we door. Ik leef eigenlijk nu van tour naar tour, dus geen idee wat ik na No Turning Back ga doen. Ik kan niet zonder hardcore, dus ik zal wel weer een nieuwe band beginnen, of bandjes boeken of weet ik veel. Dit blijft mijn ding. Hardcore is een mooi wereldje!

Meer over No Turning Back

Bekijk het concert