Concertverslag

Drie verschillende metalbands in de 013

22 juni 2008
Op de dag dat Nederland uit het voetbal zou verdwijnen stroomde de 013 ’s middags al vroeg vol met metalfans, die drie verschillende bands zouden bekijken. Drie bands die erg verschillend van elkaar zijn, maar toch een zekere onorthodoxe draai aan het genre hebben gegeven. Uiteindelijk zou blijken dat het gros van de bezoekers bij alle drie bleef staan, hoewel een enkeling de zaal eerder verliet. Opener van de middag was Between the Buried and Me, een band die op veel respons kon rekenen, ondanks dat het de minst bekende naam van de package was. Deze band speelde begin deze eeuw nog vrij standaard metalcore maar is ondertussen geëvolueerd in een zeer progressieve groep die enorm veel indruk op mij heeft achtergelaten. In het half uur dat de band speelt komen er drie of vier nummers voorbij, die allemaal een uitstekende opbouw kennen en resulteren in keiharde, bijna death metal achtige stukken samen met sferische tussenpassages. Een soort Opeth meets the Mars Volta, met Muse keyboards erbovenop. Dat de band geen cd’s bij zich had was erg zonde, want naast mij waren er nog veel meer onder de indruk. In februari schreef ik al een lovende recensie over de show van The Dillinger Escape Plan in de Effenaar, waar ze de eerste keer de nieuwe nummers live speelden. Vandaag was de show even goed, hoewel het spannende er een beetje af was. De setlist herbergde weinig verrassingen, dus weer Sugar Coated Sour en 43% Burnt van het eerste album, tot When Good Dogs to Bad Things van de Mike Patton EP, Sunshine the Werewolf en Baby’s First Coffin van Miss Machine en onder andere Fix Your Face, Lurch, Milk Lizard (weer het hoogtepunt van de set) en nog wat andere nummers van Ire Works. De band is dit keer nog wilder dan normaal, zo vliegen de flightcases (waar gitaristen Ben Weinman en Jeff Tuttle vaak op springen) over het podium heen en worden de monitoren (tot grote schrik van de roadies) alle kanten op gesmeten. De show gaat net iets te lang door (deze muziek blijft tot een aanslag op je gestel) maar verder zat alles weer goed in elkaar. Als laatste betreedt Meshuggah het podium. Deze Zweedse giganten sloopten met hun technische, experimentele metal het laatste restje kracht van veel aanwezigen, vooral onbekenden met de band. Steeds meer mensen besloten om tijd thuis te zijn voor het voetbal, terwijl de vloer van de 013 gevuld is met een grote alles meebrullende massa, die blij is met de eerste clubshow van deze band sinds drie jaar. Wat een constante is bij deze band is het lage, zware, zompige gitaargeluid met een constante grom van zanger Jens Kidman en een schurende ritmesectie. Meer dan dat is er niet constant, het aantal keer dat de band een normale vierkwartsmaat speelde tijdens de show van een uur was op de vingers van één hand te tellen. Er werd veel nieuw werk gespeeld, waaronder de single Bleed maar gelukkig was het niet allemaal maar ObZen dat de klok sloeg, ook nummers als Rational Gaze van Nothing en Future Breed Machine (afsluiter)van Destroy Erase Improve. De stilstaande, langharige, headbengende band met Jens als een soort krab met spasmes vormt een schril contrast met de capriolen van Dillinger, maar alle bizarre riffs worden gelukkig wel foutloos gespeeld. De drie verschillende bands bleken uiteindelijk goed bij elkaar te passen, en er verlieten dan ook weinig mensen teleurgesteld de 013. Elke show zat goed in elkaar en de bands konden rekenen op een vrij enthousiast publiek. Zelfs al vond je een of meer van de bands niet cool, dan kon je gelukkig nog Guitar Hero spelen in de hal.