Augustibuller 2007
Ergens in het midden van Zweden ligt het stadje Lindesberg. De meeste dagen in het jaar is het een doorsnee stad. Echter, eens per jaar wordt Lindesberg overspoelt door punkers uit binnen- en buitenland tijdens het Augustibuller festival. Dit jaar vond het festival plaats van 2 t/m 4 augustus.
Na alle positieve verhalen die wij over dit festival hadden gehoord, besloten we deze zomer naar Zweden af te reizen. Niet speciaal voor de bands, want er stond maar weinig op de bill wat ons kon boeien, maar vooral voor de punkrocksfeer. Iets waar Zweden toch wel degelijk om bekend staat.
Donderdag 2 augustus
We vertoeven al enige tijd in Zweden en hebben ook al het één en ander aan punkrock gezien in dit land – hoe kan het ook anders in een land als Zweden - maar dé punkrock happening tijdens deze trip moet nog komen: Augustibuller festival.
Vauit Stockholm vertrekken we met de auto richting Lindesberg. Na enkele uren over 80km-wegen gekacheld te hebben komen we aan in stadje gelegen aan een groot meer. Ver zoeken naar het festival is het niet: al vanaf de doorgaande weg zien we aan het water allemaal tenten staan. Nu nog daar zien te komen. De weg leidt ons door het pitoreske centrum, wat overspoeld is door punkers. Vooral bij de plaatselijke slijterij is het erg druk. Maar ook bij de pinautomaten en op terrasjes bij restaurantjes zit het vol met punkers. De lokale bevolking loopt op een afstandje nog wat schuw rond.
Na enige rondjes door het stadje komen we aan bij de ‘Lindeskolan’, de plaatselijke middelbare school, die voor deze dagen is omgetoverd tot parkeerplaats en camping van het festival. Auto neerzetten, benodigde spullen uitladen, telefoontje naar wat andere Nederlanders en richting de camping maar! Het sportveld van de school fungeert als camping en ziet eruit als een complete chaos waar op elke vierkante meter een tent neergezet is; ongeacht of het past of niet.
Uiteindelijk vinden we nog een leeg stuk gras waar wij nog net onze twee tentjes tussen kunnen proppen. Nog voordat onze tent staat zijn de buren al aangeschoven voor een biertje. En al snel wordt dat nog een biertje en nog een biertje. En hoe meer bier er doorheen gaat hoe mooier de gesprekken met de Zweedse buren worden. Uiteenlopend van de grootste Zweedse helden verhalen tot de vermoorde politicus Anna Lindh tot de Zweedse ‘progressieve’ wetgeving. Overigens is het grootste helden verhaal van Zweden iets stoerder dan het Nederlandse helden verhaal: Een Zweed heeft met een klein vliegtuig een aantal Migs heeft uitgeschakeld door bommen uit het raam te gooien, tegenover ons : "A litle boy put his finger in a hole in a dijk".
Wat we bijna vergeten is dat er ook nog bands spelen vandaag. Los Fastidos hebben we al gemist. En helaas begint het in de loop van de avond te regenen, waardoor we besluiten om maar in de tent te blijven in plaats van ons nat te laten regenen bij Madball. Begint goed: de eerste dag geen band gezien.
Vrijdag 3 augustus
Terwijl we wakker worden met een lichte kater, komen er Zweden uit hun tent rollen die er erger aan toe zijn dan wij ooit hebben gezien. Hun medicijn: gewoon verder gaan met drinken. Als wij om 9 uur ’s ochtends met onze flesjes water voor de tent zitten, schuift de buurman alweer aan met een petfles gevuld met witte wijn. En dat alles onder het mom: “Als we dronken zijn denken we niet aan onze hoofdpijn”. Amen to that, maar niet voor ons.
Omdat het festival praktisch midden in het dorp ligt is het maar 5 minuten lopen naar een supermarkt, dus we besluiten daar ons ontbijt te gaan halen. Op de weg naar de supermarkt staan allemaal standjes van labels om hun spullen te verkopen. En ook de lokale school probeert wat bij te verdienen door hamburgers te verkopen.
Nadat we ons ontbijt (stokbrood, sinasappelsap voor de vitamine en chocolademelk) op hebben is het tijd om maar eens richting het festivalterrein te gaan met een biertje. Bij de ingang naar het festivalterrein moeten we nog snel te laatste slokken van ons blik bier wegslurpen, want dat gaan zonder pardon de prullenbak in. Bier meenemen het terrein op zit er ook niet in, want iedereen wordt gefouilleerd. Het festivalterrein is niet meer dan een eilandje, zo groot als misschien 1,5 voetbalveld. Er staan drie podia. Twee openlucht podia en één klein tentje met een erg klein podium (waar in eerste instantie vooral veel crust lijkt te spelen). Ook staat er hier en daar nog een standje met merchandise.
Ondanks dat het lekker weer is, is het niet erg druk op het festivalterrein. Heel vreemd is het eigenlijk niet. Want als er geen band speelt die je leuk vindt is er niks te doen. In tegenstelling tot de camping waar bier en gezelligheid is. Het programma lijkt in het begin van de ochtend volledig gevuld te zijn met skabands. Niet helemaal ons ding, maar een beetje in de zon zitten bevalt prima, dus we besluiten gewoon op het festivalterrein te blijven. Dan om een uur of twee worden we positief verrast door Neverstore, die lekkere catchy poppunk maken. Helaas is het aantal mensen dat bands komt kijken nog steeds bedroevend laag. Nog geen honderd man heeft de moeite genomen om naar de band te komen kijken. Wanneer de Turbo AC’s een uurtje later op hetzelfde podium staan wil het ook nog niet drukker worden. Daarbij moet eerlijk gezegd worden dat ze ook geen fantastische show spelen. In tegendeel eigenlijk. Hoe goed de heren ook hun best doen, het is eigenlijk gewoon een zeer matige band, zeker op het podium.
Het is ondertussen tijd voor de eerste band die we echt op de ‘planning’ hadden staan: Samiam. Inmiddels is het gaan regenen. De band speelt op Bermuda, één van de twee buitenpodia. De regen werkt niet bevordelijk voor de sfeer. Het kleine aantal mensen wordt nog eens gehalveerd. Erg jammer, want de band speelt een goede set, met alle nummers die Samiam liefhebbers graag horen. Toch besluiten we na een stuk of zeven nummers maar weg te gaan, want het begint steeds harder te regenen.
Terug naar de camping dan maar, want voorlopig speelt er niet veel interessants. Inmiddels begint de sanitaire nood ook hoog te worden. Maar de dixi’s worden er niet schoner op na een avond flink zuipende Zweden. Na drie pogingen gewaagd te hebben, maar steeds kokhalzend naar buiten gekomen te zijn, hebben we eindelijk ‘acceptabele’ dixi gevonden. Het gaat hier overigens om de grote boodschap. Pissen doen we inmiddels al achter de auto op de parkeerplaats.
Later die dag is het weer tijd om bands te gaan kijken. The Vibrators zetten wat ons betreft een zeer matige set neer met erg veel covers. Toch vreemd dat een band die toch een redelijk repertoire aan eigen nummers heeft covers nodig heeft om het publiek los te krijgen. Een flinke tegenvaller dus. Echt druk is het pas als The Casualties spelen. Alle hanenkammen bijeen en schreeuwen maar. Wij vinden het niet echt nodig om langer te blijven kijken en begeven ons naar de ‘crusttent’, het kleine podium in een tent, waar tot op dat moment naar ons idee alleen nog maar crust heeft gespeeld. Maar nu is het aan Kvoteringen. De band waarin de drummer van Millencolin drumt. De eerste paar nummers klonk het leuk, maar al snel belandde ook deze band bij ons in de categorie ‘geram en geschreeuw dat na tien minuten wel leuk is geweest’.
Het loopt al tegen elven en we besluiten nog even naar de tent te gaan voor een powernap alvorens The Briggs om half één ’s nachts zullen spelen. Als we om precies half één wakker worden rennen we snel naar het festivalterrein, want The Briggs missen is absoluut geen optie! Als we aankomen is de band al begonnen. Gelukkig kunnen we nog ruim een half uur van deze fantastische band zien. Wat een muziek, wat een enthousiasme! Ruim een half uur intens genieten van een band die we vanaf dit moment omdopen tot één van de beste punkrockbands die er op dit moment zijn! Geweldig!
Zaterdag 4 augustus
De laatste dag van het festival is aangebroken. Vandaag is eigenlijk de dag waar we op zaten te wachten: Franky Lee, The Pricks, Radio Brigade en The Dwarves.
Door ons nagenoeg alcohol-vrije dagje gisteren worden we fris en fruitig wakker. Een goed moment om maar gelijk te beginnen aan een biertje bij het ontbijt. We hebben overigens ook inmiddels uitgevonden hoe we blikken bier mee het festivalterrein op kunnen krijgen, dus we besluiten maar om zo rustig aan naar het terrein te gaan. Want om iets over twee zal Franky Lee al spelen. Rond een uur of twee is het bier dat we meegenomen hadden naar het terrein inmiddels ook op en wordt het dan echt tijd om de ‘drankkooi’ eens van binnen te gaan bekijken. Het is de enige plek waar op het terrein iets te drinken te krijgen is. Een gedeelte van de bar is voor iedereen toegankelijk, daar wordt alleen maar non-alcoholica verkocht. Voor bier en wijn moet je echter de ‘drankkooi’ in. Voor de ijzeren hekken staan drie mensen te controleren op identiteitsbewijs. Alleen als je twintig of ouder bent mag je de ‘drankkooi’ in. Iedereen wordt gecontroleerd, ookal zie je eruit als veertig. Ondanks dat we weten dat Zweden duur is qua alcoholhoudende dranken wagen we ons toch maar aan een biertje. Voor 50 kroon (= € 5,50) hebben we een halve liter bier. Daarmee mogen we het alcoholgebied niet uit. Maar heel erg is het niet: overal staan tafels en banken en eigenlijk is het er wel gezellig.
Bovendien staat het podium waar Franky Lee inmiddels begonnen is met spelen op nog geen 10 meter afstand. Van achter de hekken zien we Franky Lee een goede set spelen. Het klinkt in ieder geval allemaal een stuk minder doorsnee punkrock dan op album. Erg veel nummers heeft Franky Lee niet, dus na een half uurtje is deze band wel weer klaar. Tijd om uit de drankzone te komen en een kijkje te nemen wat The Pricks er op het andere podium van bakken. Studieopnamen klinken al als gekrijs en geschreeuw, maar wel grappig. Live is het gekrijs en geschreeuw echter een stuk minder acceptabel. Tijd om het festivalterrein te verlaten om te kijken of we nog ergens goedkoop bier kunnen scoren. Want de twee trayen die we, pauper Nederlanders die we zijn, mee hadden genomen van thuis, zijn inmiddels op.
Bij de slijterij aangekomen te zijn, blijkt deze gesloten te zijn. Erg jammer, want alleen in de systembolagat is fatsoenlijk bier te koop. In de supermarkt is alleen maar 3,5% bier te koop. Het zogenaamde ‘people-beer’, zoals onze buren ons een paar dagen geleden uitlegden. Maar goed, het moet maar. Terwijl we in de supermarkt op zoek zijn naar iets wat ons enigszins te drinken lijkt, komt er een aantal 16-jarigen naar ons toe. Of we even bier voor ze willen kopen, want ook in de supermarkt moet je 20 zijn om bier te mogen kopen. Zo gezegd, zo gedaan. Wij ons bier, zijn hun bier. Op de weg terug naar de camping komen we onze buren tegen, die ons smakelijk uitlachen dat wij de dag door moeten komen met ‘people-beer’. En zodra we het eerste biertje opentrekken weten we waarom. Smakeloze vloeistof waar je van ze lang zal ze leven niet dronken van gaat worden. Pech gehad dan maar.
Het wordt weer tijd om naar het festivalterrein te gaan, want de band die absoluut bovenaan stond op ons ‘dit moeten we gaan zien’-lijstje speelt: Radio Brigade. In de kleine ‘crusttent’ speelt deze band van de oude zanger van Bombshell Rocks. Na een aantal jaar geen muziek gemaakt te hebben is hij samen met de drummer van The Peepshows deze band begonnen. Meteen vanaf de eerste noot gaat de band los. De zanger is zoals vanouds (met Bombshell Rocks) enthousiast aan het rondspringen op het podium. Dit enthousiasme slaat over in het publiek en het half uur dat ze spelen is zo voorbij. Wat ons betreft had de band nog best een half uur door mogen gaan, want het klinkt daadwerkelijk geweldig: Lekkere punkrock met een enthousiasme waar veel bands een voorbeeld aan kunnen nemen. Tot nu toe is dit voor ons het absolute hoogtepunt van het festival.
In het kader van: ‘laten we ook eens bands bekijken die we niet kennen’ blijven we in de ‘crusttent’ hangen. De naam Brutal Polka maakt ons nieuwsgierig. De band komt uit Israël en maakt vreemde muziek. Vreemd, maar erg leuk. De band combineert allerlei muziekstijlen. Van metal tot polka. Brutal Polka is dan ook absoluut de perfecte omschrijving van de muziek.
Als Brutal Polk afgelopen is, is het een uur of half negen. Eerstvolgende en daarmee gelijk de laatste band van het festival, die we willen zien is The Dwarves, om half één ’s nachts. Inmiddels begint al dat wachten wel een beetje saai te worden. Het feit dat het festival morgen afgelopen is staat ons dan eigenlijk ook helemaal niet tegen.
Na ruim drie uur rondgehangen te hebben op de camping, wat opzich toch wel enigszins saai was, is het tijd voor The Dwarves. Het is, samen met Burst op het andere podium, de afsluiter van het festival. Ondanks de leuke show, valt de muziek enigszins tegen. Zo melodieus als het op plaat klinkt, zo eentonig brengt de band het live. Erg jammer, want van deze band hadden we, zeker na alle verhalen die je over The Dwarves hoort altijd, veel meer verwacht.
Zondag 5 augustus
Augustibuller zit er weer op voor dit jaar. Om negen uur ’s ochtends beginnen we rustig met het opruimen van de tent. Zo rond een uur of tien zijn we klaar voor vertrek. Nog even de nodige mensen gedag zeggen en dan naar de auto om vervolgens te vertrekken naar een rustigere camping….